30. mei, 2019

Erkenning

 

Mijn broer Cor en ik waren vroeger als kind altijd samen. Volgens ons Moeder, als twee handen op één buik. We speelden samen en haalden samen kattenkwaad uit. We gingen samen op één step naar school, speelden samen cowboytje in het bos en verkochten voor een oom bosjes verse bloemen van het veld aan de deur waar we dan een dubbeltje per bos van mochten houden. Als er eens per jaar oude kranten werden verzameld voor de blinden op de lagere school, hadden wij op het boerderij erf al een schuur vol verzameld met oude kranten, zodat we wel een week bezig waren samen om die kranten met een kar naar school te slepen. Het waren er zoveel dat ons Vader wel eens bang was voor als er eens brand uit zou breken in dat schuurtje, dat vlakbij ons huis stond. We rookten samen ons eerste peukje (gevonden op straat) en werden daar allebei een beetje draaierig van.
Op latere leeftijd (10 – 16) waren ‘de broertjes Lubbe’ (Hierbij hoorde ook onze oudere broer Jan) redelijk bekend / berucht in de buurt. We hadden samen allerlei baantjes, zoals ’s avonds op de bouw (we woonden toen als eerste bewoners in een nog volledig te bouwen nieuwbouwwijk), tegels klaar zetten voor de tegelzetters, zodat die de andere morgen direct aan de gang konden. Ook balken in de carbolineum zetten, zodat die de volgende dag droog waren voor gebruik. Dit alles onder toezicht van Jan de Ruiter, de man die met al deze klusjes was belast, maar het ons gunde een paar kwartjes te verdienen. Zelf gingen we er op uit om chauffeurs te helpen met stenen lossen. Iets wat toen nog met de hand moest worden gedaan. We waren hier behoorlijk handig in. Het ging zelfs zo ver dat er vreemde chauffeurs bij ons aanbelden of hier de broertjes woonden die hielpen met stenen lossen. Toen was je verbaasd en trots dat een chauffeur met zo’n grote vrachtwagen je kwam ophalen, maar later toen ik zelf chauffeur was begreep ik het helemaal. We kregen dan van die rubberen flappen die je om je vingers kon doen zodat je handen niet te veel kapot gingen. Werkhandschoenen waren er in die tijd nog niet. En terwijl de chauffeur de ene helft van de vrachtwagen loste wisten wij als twee kordate jongetjes de andere zijde leeg te plukken. Zo’n chauffeur pakte wel tien stenen tegelijk waar we erg tegenop keken, terwijl ons maximum hooguit vier of vijf was afhankelijk van het soort steen. Straatklinkers waren het zwaarst en het liefst losten we kalkzandsteen, die waren nog lekker warm, zo uit de fabriek. Tevreden met ons kwartje gingen we dan weer huiswaarts. We werkten ook een aantal jaren op woensdagmiddag en zaterdagochtend bij een bedrijfje van buurman Hennie waar we het beheer hadden over de inpakafdeling van auto ruitensproeiers. Die moesten we volledig in elkaar zetten, in dozen pakken en als order klaar maken. Best een klus als je pas twaalf bent.
Toen we vijftien / zestien waren organiseerden we discofeestjes door een zaaltje af te huren en hier plaatjes te gaan draaien en stiekem biertjes te verkopen uit een kratje. Tien gulden entree en een biertje tien cent boven de inkoopprijs. Zo weet ik nog wel een aantal interessante dingen op te sommen.
Maar dat we nu al erkenning krijgen voor al onze daden, daarvan zijn we toch wel een beetje verbaasd.
Cuby (Harry Muskee) heeft een stambeeld voor zijn muziek, Bartje voor zijn bruine bonen en op diverse pleinen door het gehele land zie je stambeelden van grootheden, die daar veel voor hebben gedaan. De reden waarom manneke Pis in Brussel staat weet ik niet, maar dat zal hij toch ook niet zomaar hebben gekregen.
Vorige week zag ik tot mijn verbazing plots een reclame van een nieuw biertje en wat denk je, naar ons vernoemt, ‘Kordaat’ / ‘Cor Aad.’
Het staat dan wel fout geschreven maar dat kun je ze niet helemaal kwalijk nemen, het is tenslotte een grote Duitse supermarkt die ons de vernoeming doet.
En als je het gewoon uitspreekt klinkt het zoals het is bedoeld. We zijn hier dus heel blij mee en vooral omdat ook nog eens wordt benoemd ‘Bier voor Echte mannen.’   

Aad Lubbe